Thesaurus term
politiek misdrijf
Type
schema:DefinedTerm
Naam
politiek misdrijf
core#broader
core#narrower
core#prefLabel
politiek misdrijf
termType
ACTIV
termType
KEYWORD
Gerelateerde objecten
Is onderwerp van boek
Type
schema:Book
Naam
Bijzondere losse stukken: - Brieven betreffende het ontslag van rechercheur A. Japin en anderen wegens het helpen ontsnappen van Joden, 1944; - Ingevulde vragenlijst ten behoeve van de ariërverklaring, 1941, van opperwachtmeester der marechaussee M.W. Ermers. - Bewijs van politieke betrouwbaarheid, ten name van Zacharias Bernard Quentemeyer, wonende te Enschede; afgegeven door de Politieke Opsporingsdienst (POD), Politie Enschede. - Voorlopig legitimatiebewijs van wachtmeester der Marechaussee Hendrik Jan Hesselink, Groep Epe, uit juli 1943. Henk Hesselink was jarenlang rondleider-vrijwilliger van het Rijkspolitiemuseum en Nederlands Politiemuseum. Processen-verbaal, rapporten, verhoren en correspondentie van J. Jongeling, rechercheur te Amsterdam, over de periode 1944 tot en met 1948. Onderzoeken van de Politieke Opsporingsdienst naar politieke gezindheid. Processen-verbaal, opgesteld door wachtmeester van de Koninklijke Marechaussee, behorende tot de Politie Reserve Nederland, betreffende geruchten in het interneringskamp te Schoorl over diefstal, verduistering en wapensmokkel. Krantenartikel in de Völkischer Beobachter met als onderwerp "Kampf gegen Frauen und Kinder eine britische Erfindung". Schriftelijke berisping uitgevaardigd aan politieambtenaar in uniform wegens het op de openbare weg verorberen van een peer, 1940. Beschikking van Rauter betreffende onder andere het schieten van politie, zonder waarschuwing op samenscholingen, het gebruik van alcoholhoudende dranken, 1943. Generaal-rapport van de politie te Amsterdam van 6 en 6/7 mei 1943. Brief van de Directeur-Generaal van Politie betreffende te nemen maatregelen bij het onderduiken van politieambtenaren, 1943. Brief van Rauter aan Himmler over het uitzetten van Joden, 1942. Namen van politieambtenaren die door het verzet werden geliquideerd alsmede van politieambtenaren die na de oorlog door Nederlandse rechters ter dood werden veroordeeld en vervolgens zijn geëxecuteerd. Telegram van de Procureur-Generaal Semplonius met betrekking tot de arrestatie van Joden. Telegram van Procureur-Generaal Römeling met instructies betreffende de behandeling van Joden, 1942. Telegram van Procureur-Generaal Reilingh met een oproep tot het bijwonen van een lezing door de heer Feldmeijer, voorman van de Nederlandse SS, 1941. Telegram met de opdracht te voorkomen dat in kerken stelling zal worden genomen tegen de arbeidsdienst, arbeidswerving voor Duitsland en de arrestatie van geestelijken. Bewijs van politieke betrouwbaarheid ten name van Z.B. Quentemeyer, 1945. Regels, na de oorlog, voor politieambtenaren hoe zij moeten werken en zich presenteren, 1945. Oorkonde, in 1953 verleend aan J.C. Mennink, wegens heldhaftig optreden tijdens de oorlog. Deze heeft onder andere Johannes Post uit de cel helpen ontsnappen. Kopieën van paspoorten ten name van J.D. Briedé. Proces-verbaal betrffende de moord op groepscommandant H.Huizing, 1944. Oorkonde, waarbij de zilveren medaille voor trouwe dienst is verleend in februari 1940 aan opperwachtmeester M.W. Ermers.
thesaurus term
thesaurus term
Is onderwerp van boek
Type
schema:Book
Naam
Processen-verbaal uit 1945 t/m 1947 van de Politieke Opsporingsdienst (POD) Utrecht-West en van de Afdeling Nijmegen over de zogenoemde "Affaire Ederveen" te Nijmegen in 1943. De in Kampen op 10 april 1919 geboren Wim de Jonge trad op 23-09-1940 in dienst bij de Gemeentepolitie Nijmegen. In het begin van de bezetting saboteerde agent W. de Jonge op eigen initiatief Duitse maatregelen. Langzaam kwamen contacten tot stand met gelijkgezinden binnen en buiten het politiekorps. Onder de verzetsmensen was de rechercheur bekend als "Cor". Begin '43 legden Nijmeegse politiemannen een kaartsysteem aan van NSB-ers, Rijksduitsers en andere Duitsgezinden. Cors werk bestond onder andere uit het opsporen en schaduwen van agenten van de Sicherheitspolizei (SD) en van SD-activiteit verdachte personen en het vervalsen van documenten. Medio 1943 staan de verhoudingen binnen de Nijmeegse politie onder een enorme druk. Het korps staat sinds september 1941 onder leiding van majoor A.J.M. van Dijk, een voormalig inspecteur van de Eindhovense politie en lid van de NSB en SS. De korpschef wordt in zijn Produitse gezinning gesteund door zijn rechterhand, opperluitenant M. Verstappen, een voormalige agent-rechercheur uit Den Bosch en oud-SS-er. Korpschef Van Dijk werd op 8 juli 1943 op het Hertogplein neergeschoten door het verzet en overleed op 31 augustus. De illegaliteit in Nijmegen had de steun en medewerking van een politiegroep, Nijmeegse rechercheurs onder leiding van inspecteur Frans Prick. In de verzetskring besloot men na het overlijden van de korpschef om ook diens fanatieke rechterhand Verstappen uit de weg te ruimen. Intussen was het burgerverzet in Nijmegen echter geïnfiltreerd door ene Ederveen, een informant (V-mann = Vertrauensmann) van de SD in Den Haag. Prick was aanwezig bij een bespreking van verzetsleden met Ederveen over de liquidatie van Verstappen. Ederveen kondigde aan naar Amsterdam te reizen om wapens te regelen. Prick kreeg argwaan en droeg rechercheur De Jonge op om Ederveen te volgen. De Jonge schaduwde hem en zag hem in Den Haag binnengaan bij de SD aan de Zeestraat. Op 24 september was er een bespreking met Ederveen in Nijmegen gepland; het plan om Ederveen dan te doden ging mis. De infiltrant ontsnapte ondanks een schotwond. In de volgende dagen sloeg de SD toe: in Nijmegen werden 28 burgers en politiemensen opgepakt. Prick en De Jonge wisten op tijd onder te duiken. De “affaire Ederveen” had het verzet enorme schade toegebracht. Cor was ondergedoken in de buurt van Zwolle. Vanaf 1941 ontstonden overal in het land falsificatiegroepjes, die onderduikers en verzetsmensen zo nodig voorzagen van valse persoonsbewijzen en andere "officiële" papieren. Diverse groepjes gingen samenwerken. Uit deze samenwerking ontstond in maart '44 de Falsificatie Centrale (FC) te Nijmegen. Contacten met de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) leidden tot opneming van de Falsificatie Centrale in LO-ver¬band. Bijkantoren waren gevestigd in Eindhoven (Zuiden), Den Haag (Westen) en Zwolle (Noorden). Nadat het zuiden bevrijd was en het FC-hoofdkantoor naar Den Haag verhuisd was, werd het bijkantoor te Zwolle draaiende gehouden door Cor en zijn verzetscollega's Jan-FC, Age-FC van het arbeidsbureau, Swen-FC, schoonzoon van een politieman, en koeriers. Wim’s schoonvader Hendrik Maaskant, die ook deelnam aan het vervalsingswerk, werd in maart 1945 door verraad gearresteerd en gefusilleerd. Binnen en buiten de FC-LO hebben naar schatting ongeveer 900 personen vervalsingswerk verricht. Onder hen waren drukkers, tekenaars, papierleveranciers, cliché- en stempelmakers. Na de bevrijding keerde De Jonge terug bij de politi, eerst bij de POD Utrecht-West en daarna weer bij de Gemeentepolitie Nijmegen. Als lid van de PRA, politieke recherche afdeling, was hij belast met de opsporing van collaborateurs. Hij ging in 1979 met pensioen en overleed in 2000. Toegevoegd aan de processen-verbaal uit 1945-1947 is een verklaring afgelegd door P.M. Berkelaar, een van de opstellers van de processen-verbaal in 1945-1947 als PRA-rechercheur in Nijmegen, aan J. Driever in mei 1985 betreffende zijn ervaringen met het verzet bij de Nijmeegse politie.